• clarablaauw

Dr. Bernard. (deel 2)

Drie dagen werken, dat was de gedachte.

Maar ik ken hem.

Dat werden er vier natuurlijk.

Want hij moest, logischerwijs, zijn patiënten leren kennen.

Dus begon ie om 8.30 tot 19.00 met twee delen van drie uur voor consulten.

Uiteraard wel –dit is tenslotte Frankrijk- een ruime lunch pauze.

Thuis.

Maar,

geen praktijkondersteuning,

geen ketenzorg,

en ook geen farmaceutisch overleg.

Alleen twintig tot vijf en twintig patiënten contacten op één dag.

En-voor-alles-is-hier-een-formulier dus per consult vijf minuten administratie.

Oké zeven minuten voor hem, want het leren van de (vak) taal kost tijd.

Maar daar tegenover:

geen casuïstiekbespreking, geen koffie, taart met collega’s.

Wat Man direct op viel was de formele verhouding tussen arts en patiënt.

Dus de bekende Nederlandse hulpvraag verheldering:

‘Waar denkt u zelf aan?’

of

‘ Wat wilt u van mij ? ‘

Die werken hier niet.

Maar- Man- Vindt- Het- Leuk.

Leerzaam, dat hij opnieuw een andere manier van communiceren met zijn patiënten moet opbouwen.

Wonderlijk, te ontdekken dat levensverwachting met al die wijn toch boven het EU gemiddelde ligt.

En hij ziet ze.

Die fitte ouderen op dat verarmde Franse platteland.

Gewend aan de Cevennen en voor Nederlandse begrippen, omringd door weinig luxe en comfort.

Vloeren gemaakt van gladgestreken beton.

Plafond zwart geblakerd door het op hout gestookte fornuis dat generaties geleden al stond te walmen in dezelfde keuken.

Pensioen net toereikend.

Opnieuw is hij huisarts voor relatief veel patiënten met een lage sociaaleconomische status (SES).

Verschil wil ie maken.

En al zijn de technische mogelijkheden ook hier sterk toegenomen.

Arts zijn doet ie nog steeds vooral met zijn ogen en oren en helpen “met zichzelf”.

Dus rijdt hij iedere werkdag meerdere keren de Cevennen in op aanwijzing van zijn assistente.

De 2e boerderij links, bij het hondenhok naar rechts en als je denkt daar woont toch niemand, nou

dan is dus daar.

Want huisarts zijn gaat ook hier verder dan alleen in de praktijk aanwezig zijn.

De pathologie is vergelijkbaar.

Verwijzingen gaan via de huisarts met uitzondering van gynaecoloog, oogarts en psychiater (!).

Het verwijderen van huidzwelling door huisartsen daarentegen is een onbekend fenomeen.

Maar met zijn licht anarchistisch neiging om tegen het niet bekende aan te duwen en beargumenteerd af te wijken, voert ie inmiddels kleine chirurgische ingrepen uit in het dorp.

De dankbaarheid van de patiënt is groot.

Maar het grootste verschil met Nederland blijft de aard van de contacten.

Man heeft namelijk tijd.

Niet langer gehinderd door zorgverzekeraars, uitkomst indicatoren, spiegelinformatie of praktijk accreditatie.

Terug bij de kern is ie.

Bij de huisartsgeneeskunde van de kennis en van de magie.

Recente blogposts

Alles weergeven

Proost

Croix Rouge